Stamboom familie van der Eem
aantekeningen bij het onderzoek naar de stamboom / het geslacht van der Eem



versie 08 mei 2018

      De Sint Elisabethsvloed

      Een ziedende noordwesterstorm beukte in de nacht van 18 op 19 november 1421 op de door veen en zoutwinning sterk verzwakte dijken. Naar schatting 16 dorpen en 2000 mensen verdwenen die nacht in de woeste binnenzee die ontstond nadat de dijken het begaven. Zonder dit dramatische gebeuren (beter bekend als de St. Elisabethsvloed) was er waarschijnlijk nooit een Biesbosch ontstaan zoals wij die nu kennen. Tot ver in de negentiende eeuw heeft men met wisselend succes gevochten tegen het steeds terugkerende water.

        Geen watersnoodramp spreekt zo tot de verbeelding als die welke zich voltrok op de feestdag van de heilige Elisabeth van Thuringen in 1421: de St. Elisabethsvloed. De vieren veertig dorpen op dit schilderij zouden allen door het water verzwolgen zijn. Op de voorgrond Dordrecht, linksboven het Land van Heusden en Altena.

      De volgende wetenswaardigheden zijn op te tekenen:



      stormvloeden in de Grote Zuid-Hollandse Waard tot 1300

        Hieronder volgt in chronologische volgorde een opsomming van stormvloeden en dijkdoorbraken in en rondom de Grote Zuid-Hollandse Waard tot 1300.

      Grote delen van West-Nederland zijn in deze tijd bedekt met veenkussen van vele kilometers diameter. Al in de 10de eeuw heeft er kolonisatie plaats in het Maas- en Merwedegebied, waar men zich vanuit de Oude Duinen oostwaarts wendt. In de eerste helft van de 11de eeuw zijn er ook in andere delen van Holland en Utrecht veenontginningen aan de gang, gewoonlijk vanuit de oeverwallen van de rivieren. Deze veenontginningen gaan gepaard met ontwatering en oxidatie en ze zullen op den duur tot een aanzienlijke daling van het maaiveld leiden, waardoor het land kwetsbaar wordt bij stormvloeden.
      De maaivelddaling in grote delen van het westen en noorden van het land heeft op vele plaatsen de zee toegang verschaft tot het achterland. Hier en daar ligt het maaiveld nu haast op zeeniveau. Daardoor neemt de omvang van het bij een stormvloed overstroomde gebied angstwekkende vormen aan. Veel cultuurland gaat verloren.

      In het rivierengebied zijn rond 1300 veel dijken nog niet gesloten. Dikwijls lopen hier bij hoog water de komgronden, dat wil zeggen de laaggelegen kleigronden, onder water. In tegenstelling tot de oeverwallen en stroomruggen zijn de komgronden onbewoond, men gebruikt ze als weidegebied voor het vee. Overstroming van de komgronden wordt in deze tijd door veel bewoners niet als een ramp ervaren, maar als een min of meer normaal en bij de winter behorend natuurverschijnsel.

      1170-1171
      Mede door de overstromingen in het zuidwesten van het land, waarbij het zeewater tot rond de stad Dordrecht opdringt, wordt Holland bij de latere zware stormvloeden meer en meer vanuit het noorden en zuidwesten met de totale ondergang bedreigd.
      1214
      Het vermoeden bestaat dat in 1214 de Tisselijnsewaard bij Dordrecht, een onderdeel van de Grote of Zuid-Hollandse Waard, door een stormvloed is getroffen. De Grote Waard moet al omstreeks 1200 geheel ingepolderd zijn geweest.

      1287-1288
      De stormvloeden van 1287 tot in 1288 hebben zeer ernstige gevolgen. De Grote Waard en de Riederwaard overstromen, doch beide gebieden kunnen worden teruggewonnen.
      1290
      In 1290 staat een groot deel van het rivierengebied blank, waarbij veel mensen om het leven komen.



      stormvloeden in de Grote Zuid-Hollandse Waard vanaf 1330

        Hieronder volgt in chronologische volgorde een opsomming van stormvloeden en dijkdoorbraken in en rondom de Grote Zuid-Hollandse Waard vanaf 1330.

      1330
      Op 24 december 1330 bereikt zwaar weer wat gepaard gaat met een stormvloed het Noordzeegebied. Er wordt schade toegebracht aan de Grote of Zuid-Hollandse Waard, de Zwijndrechtse Waard en de Alblasserwaard (breuken bij Sliedrecht en Oud-Alblas).
      1372
      Omstreeks 2 februari 1372 komt het tot serieuze dijkbreuken in de Grote of Zuid-Hollandse Waard, het rijke landbouwgebied tussen Dordrecht en Geertruidenberg dat in het begin van de vorige eeuw was ingepolderd. Hoogstwaarschijnlijk is dit toe te schrijven aan het hoge opperwater en niet aan een stormvloed.
      1374
      Het is 9 oktober 1374. In de Grote of Zuid-Hollandse Waard, de Riederwaard en de Zwijndrechtse Waard, waar al in 1372, 1373 en begin 1374 vernielingen waren aangericht door het hoge water, wordt de toestand nu erg kritiek.
      1375
      De Grote of Zuid-Hollandse Waard loopt opnieuw grote averij op. De Riederwaard, waar men nog met het herstel bezig is gaat bij deze vloed met de nederzettingen Ridderkerk, Pendrecht, Donkersloot en Rhoon verloren. Door de ondergang van de Riederwaard wordt voortaan zelfs de stad Dordrecht door het water bedreigd. De Riederwaard is in de loop van de 16de eeuw herdijkt en vanaf die tijd zal hier het eiland IJsselmonde liggen.
      1376<BR> Op 24 november 1376 breken er door een hoge vloed enkele dijken in de Grote of Zuid-Hollandse Waard door.
      1389-1390
      In de periode 1389 – 1390 vindt er waarschijnlijk een doorbraak van de Maasdijk bij Heusden en overstroming in de Grote Waard plaats.
      1393
      Het is 22 januari 1393, als er in de Grote of Zuid-Hollandse Waard weer een dijkbreuk bij Broek (op de plaats van het huidige Hollands Diep) ontstaat, waar men erg kwetsbaar is door uitwateringssluizen.
      1396
      In 1396 worden er inundaties met veel schade gemeld in Dordrecht en Geertruidenberg en omgeving. Een dijkbreuk bij Woudrichem leidt tot de overstroming van een deel van de Grote of Zuid-Hollandse Waard.
      1411
      Het 1411 als bij Werken een doorbraak van de Grote Waarddijk plaatsvindt.
      1413
      In 1413 breekt tussen Heusden en Aalburg de dijk van de Maas, waardoor een deel van de Grote Waard wordt getroffen.
      1421
      In de nacht van 18 op 19 november 1421 vindt de (bekende) Sint-Elisabethsvloed plaats.
      Iedere oudere Nederlander kent de St.Elisabethsvloed die in één nacht de Biesbosch zou hebben doen ontstaan en waarbij 72 dorpen met 10.000 mensen (of waren het er 100.000) zouden hebben verzwolgen. Is het terecht dat de St. Elisabetsvloed de enige algemeen bekende (oudere) stormvloed is?
      Allereerst moeten we vaststellen, dat het hier inderdaad gaat om een uitzonderlijk zware noordwesterstorm, gevolgd door een zeer hoge stormvloed, al is er van springvloed - later vaak beweerd - geen sprake. Het opperwater staat door het natte winterse weer hoog. Een anonieme zegsman in Tiel vat de ramp kort en bondig samen (Tielse kronieken ca.1450).
      'Daags na Sint Elisabeth 1421 woedde er 's nachts zo'n hevige storm dat de wind met orkaankracht in Tiel en elders verschillende huizen omver blies en in Holland door dijkdoorbraken veel schade aanrichtte. Tweeduizend mensen zijn, naar men zegt, verdronken. Bij mensenheugenis was het niet voorgekomen, dat een overstroming zo erg en het peil van het zeewater zo hoog was. Bijna heel Holland is, evenals Vlaanderen en Zeeland ondergelopen. Hierdoor kwam ook de grote Zuid-Hollandse Waard onder water te staan en ging verloren. Er zijn kerken verplaatst, omdat het overstroomde gebied er nog steeds zo bij ligt en tot nu toe (hij is weliswaar tijdgenoot maar schrijft dertig jaar later) helemaal niet kon worden herdijkt'.
      Het hier genoemde aantal slachtoffers van 2000 maakt uiteraard geen aanspraak op nauwkeurigheid, maar staat waarschijnlijk niet al te ver van de realiteit.
      1421
      Op 20 december 1421 begeeft de dijk van de Grote Waard langs de Merwede het, wat de toestand in de waard sterk verslechterd.
      1422
      De Tielse kronieken maken melding van nieuwe dijkdoorbraken in Dordrecht en de Grote waard in 1422.
      1424
      Op 18 november 1424 vindt er wederom een St. Elisabethsvloed plaats, Zeer ernstig zijn de gevolgen voor de Grote of Zuid-Hollandse Waard die sinds november 1421 onder water staat, maar waar de dijken grotendeels zijn hersteld. Alle werk wordt tenietgedaan. Tot rond 1430 heeft men hier nog hoop op herstel, maar dan wordt het gebied als reddeloos opgegeven. Daarmee is de Grote Waard, ooit een bloeiend akkerbouwgebied definitief afgeschreven.



      de ondergang van de Grote of Zuidhollandse Waard

      Dit bekende natuurgebied met zijn vele killen, eilanden en platen vindt zijn oorsprong in de jaren 1421 tot 1424 en wat later. Voor de St. Elisabethsvloed strekte zich hier een bloeiend akkerbouwgebied uit, de zogenaamde Grote of Zuidhollandse Waard, globaal gelegen tussen Dordrecht en Geertruidenberg. De Grote Waard vormt in het begin van de 15de eeuw landschappelijk noch politiek een eenheid. Desondanks is men er in geslaagd om alle onderdelen waterstaatkundig in één organisatie bij elkaar te brengen, waarvan het begin al in de 13de eeuw ligt. Door dit gebied stromen vrij veel rivieren. Tussen circa 1000 en 1400 zijn hier actief Maas, Alm met Werken, Dubbel, Donge, Eem en verder de benedenloop van de Dussen, doorgaans Voren genoemd. De Maas splitst zich in de Oude Maas en de Nieuwe Maas. De Oude Maas doorsnijdt de Grote Waard van oost naar west in de gehele lengte en vormt tevens de grens tussen de bisdommen Utrecht en Luik.
      Drie natuurlandschappen kunnen we hier onderscheiden, Ten Zuiden van de Oude Maas treft men twee landschappen aan: in het Land van Heusden en Altena een rivierenlandschap met oeverwallen (een soort natuurlijke dijken) en komgronden (laaggelegen, vochtige gronden) en westelijk daarvan een verdronken rivierenlandschap, waar oeverwallen en komgronden met eutroof, voedselrijk veen zijn bedekt. Waterstaatkundig is het gebied bijzonder gecompliceerd. De Maas, Donge en andere rivieren voeren veel water aan. Ook de Grote Waard zelf is doordrenkt met water. Al dat water moet men op zee zien te lozen. Daarbij is de Maas berucht om zijn ‘vloeden’, zijn sterk wisselend waterpeil. Valt er enige tijd veel regen dan krijgt men al gauw met wateroverlast te kampen.

      De Grote Waard is als het ware voorbeschikt om ten onder te gaan. De Ligging aan de monding van de Waal - Merwede en de Maas, de vochtige veenbodem en de nabijheid van de zee en van grote, diepe zeegaten maakt het gehele gebied uiterst kwetsbaar. Bovendien liet en laat het dijkonderhoud te wensen over door de financiële en bestuurlijke perikelen, een gevolg van de voortdurende burgertwisten. Bij Broek ten zuiden van Strijen, waar zich nu het Hollands Diep uitstrekt en waar sinds 1380 grote uitwateringssluizen liggen, heeft men al enkele keren (1374 - 1376, 1394) ernstige doorbraken moeten incasseren en het herstel is met grote kosten en moeite gepaard gegaan.
      In november 1421 ontstaat op de kwetsbare plek te Broek wederom een ernstige doorbraak, waardoor de Grote Waard onder water raakt. Tot overmaat van ramp bezwijkt kort hierop aan de rivierzijde de dijk langs de Merwede, al bestaat er onzekerheid over de juiste toedracht. Daardoor krijgen getijden en rivierwater vrij spel, de zich heen en weer bewegende sterke stromingen richten enorme schade aan. Toch heeft men de dijkschade voor een deel weten te herstellen (1422) maar de ramp van 1424 doet alle herstelwerk weer te niet.
      Geleidelijk brokkelt het leven af. De bewoners zien de toekomst somber in, dorpen en kloosters worden opgegeven. Het omliggende land begint meer en meer de vroegere Grote Waard, nu herschapen in een gevaarlijk krekengebied, door middel van dijken buiten te sluiten. Na enige tientallen jaren strekt zich hier een binnenzee uit, de Biesbosch.

      Nog een eeuw na dato zal een Italiaanse koopman, die op doorreis door ons land komt, tot zijn verbazing torenspitsen boven het water te zien uitsteken! Het is ene Chrysostomus Neapolitanus, die als koopman rond 1514 Dordrecht bezoekt en zijn indrukken geeft van het verdronken land in de omgeving van deze stad. Men heeft hem verteld, dat rond 93 jaar geleden het land bij een stormvloed is ingebroken en dat daarbij 72 dorpen zijn verdronken. Alleen een kind in een wieg, waarop een kat zat, had het overleefd en deze wieg was in Dordrecht aan komen drijven. De Napolitaan maakt een interessante rondvaart, waar ooit werd geploegd en waar men met wagens kom rijden. De uit het water oprijzende torenspitsen lijken wel grafmonumenten voor de slachtoffers. Opmerkelijk is dat het al het fictieve aantal van 72 wordt genoemd.
      Uit handelscontacten met Lübeck verneemt men 'dar vordrunken ok do 16 schone kerspele myt volke unde queke' (vee).

      Een ander handschrift maakt gewag van 24 verdronken parochies. Weldra, evenwel worden de verliescijfers veel hoger. Al in de beroemde kroniek van Koelhoff uit Keulen (1499) wordt gesproken over 100.000 doden.
      Rest de vraag, hoe de 'sterke verhalen' in de wereld zijn gekomen? Waarschijnlijk heeft hier een rol gespeeld, dat velen in de enorme schade die de stad Dordrecht gelden heeft (ze verliest een rijk achterland en komt op den duur op een eiland te liggen) een godsoordeel zien: een straf voor de belediging die men gravin Jacoba had aangedaan! Bepaalde kringen hebben er daardoor belang bij de gevolgen aan te dikken.



      reconstructie van de Groote Zuid-Hollandsche Waard

      Met behulp van de thans beschikbare gegevens is een reconstructie Groote Zuid-Hollandsche Waard van voor de St. Elisabethsvloed gemaakt.
      Let wel: veel informatie berust op veronderstellingen!
      Vóór de grote overstroming, veroorzaakt door de Sint Elisabethsvloed was het gebied een landbouwpolder met vele Ambachten en Parochiën. Rond 1282 werd de ringdijk van de 'nieuwe' Groote Waard gesloten en omvatte de polder grofweg drie gebieden.

      De Dordtse Waard, noordelijk gelegen tussen de rivieren De Merwede en de (oude loop) Maas en de Dubbel. De Tieselenswaard, westelijk gelegen tussen de (oude loop) van Maas en Dubbel, en tenslotte het oude - al bestaande - deel van de Groote Waard, ten zuiden van de (oude loop) Maas.



      ambachten en parochiën gelegen in de Groote Waard

      Er is weinig informatie voorhanden om de gebiedsindeling en bewoning van de Waard te reconstrueren. In 1899 is daar een poging toe gedaan.

      Groote Waard, noord van de voormalige Maas beddingin- en aansluitend aan de Tieselenswaard
      AmbachtenParochiënAmbachtenParochiën
      Stad DordrechtDordrechtDubbeldam 
       Nieuwe kerk, DordrechtMaasdam 
      Merwede Hoeke 
      Kraaiestein of SliedrechtSliedrecht*Poelwijk 
      Lang Ambacht De MijlAlmkerk*
      Kort Ambacht LeerambachtLeiderkerk*
      HouweningeHouweninge*NesseWolbrandskerk*
      WerkendamWerkendamOudelandTieselenskerk*
      TolleuzenErkentrudenkerk*  
       Vuilpoort*  
      AlmsvoetAlmsvoet*  
      EemEemkerk*  
      Ardswaard aan de Alm*   
      Hoekenesse   
      Op-Alm en Vorenzaterwaard   
      Uit-AlmNieuw Almkerk*  
      Dussen-MuilkerkMuilkerk  
      Dussen-MonsterkerkMonsterkerk  
      Groote Waard, zuid van de voormalige Maas bedding 
      AmbachtenParochiën  
      WeedeWeede*  
      WieldrechtWieldrecht*  
      Twintighoeve   
      DubbelmondeDubbelmonde*  
      Standhazen   
      StrijenStrijen  
      BroekBroek*  
      Lage Zwaluwe   
      Hoge ZwaluweZwaluwe  
      Made   
      DrimmelenDrimmelen  
      Stad GeertruidenbergGeertruidenberg  
      RaamsdonkRaamsdonk  
      Neder-WaspikWaspik*  
      Over-Waspik    
      WendelnesseKapelle*   
      Nederveen   
      Zijdewind    
      Bezooien    
      Sprang   
      * waarschijnlijk verloren gegaan tijdens- en in de jaren na de St. Elisabethsvloed